Voeding in het eerste levensjaar

Tags: voeding

Het eerste voeding dat je baby krijgt is borst of flesvoeding. Als pedagoog raad ik altijd aan om zo lang mogelijk borstvoeding te geven. Niet alleen voor de goede natuurlijke stoffen die erin zitten, maar ook voor de geborgenheid die jij je baby geeft. Borstvoeding is meer dan alleen maar voeden. Het is ook troosten, liefde geven en geruststellen. Iets wat erg belangrijk is bij jonge kinderen.

Voeding in het eerste levensjaar

Dan is je baby een half jaar en mag je vast voedsel gaan introduceren. Ik raad aan om het voedselintroductie schema van kenniscentrum borstvoeding te gebruiken. Met dat schema heb je het minste kans op allergieën.

Elke kind is anders, dus ook het introduceren van vast voedsel zal elk kind op zijn eigen snelheid doen. Het ene kind kan dan ook al met 7 maanden kleine stukjes voedsel eten, terwijl het andere kind zich ontzettend gaat verslikken of gaat kokhalzen. Je mag er wel van uit gaan dat bijna elk kind rond een jaar redelijk kan eten. Dan zal het kokhalsreflex bij de meeste kindjes ook meer naar achteren zijn gegaan. De kindjes waarbij het kokhalsreflex nog erg lang vooraan zit, zal je langer het eten gepureerd aan moeten bieden. Bij kinderen waarbij dat minder is, kun je sneller stukjes aanbieden.

Hieronder een aantal tips bij het introduceren van vast voedsel.

  • Begin het eerste hapje met pap, gepureerde groente of fruit. Je kindje heeft niet meer dan een paar hapjes nodig. Geef daarbij een aantal dagen dezelfde smaak, zodat je baby eraan kan wennen. Het voordeel van pap is dat het een beetje op melk lijkt, dus zal je baby minder vieze gezichten trekken.
  • Als je kind steeds de hapjes uitspuugt, betekend dat niet dat hij het eten vies vindt. Hij weet gewoon nog niet hoe hij moet slikken. Dat leert hij vanzelf.
  • Probeer zoveel mogelijk smaken aan te bieden. Je kind wilt nu nog alles eten en uitproberen. Zelfs als hij het vies vindt, zal je kind zelfs gewoon nog een hapje willen.
  • De Rapley methode is ook een manier om voedsel aan te bieden. Het idee erachter is om grote stukken aan te bieden, waarbij het kind ook zelf het voedsel in zijn mond stopt. Deze methode werkt echter niet als het kokhalsreflex nog te ver vooraan zit bij je kindje.
  • Bij elke maaltijd die je je kindje aanbied kan je hem ook wat water geven. Ik raad sapjes of andere zoete drankjes af. Daar zitten alleen maar heel veel suikers in. Zelfs bijvoorbeeld diksap raad ik af. Geef je kind gewoon water. Het water kan je goed in een bekertje aanbieden. Dat is goed voor de mondspieren. Het is misschien wat meer geklieder, maar als je je kind vanaf het begin af aan uit een bekertje laat drinken, kan hij rond de 11 maanden al zelf drinken! En rond de 14 maanden misschien al echt zonder begeleiding.
  • Overhaast het vaste voedsel niet. Je kind is nog niet afhankelijk van het vaste voedsel en kan gewoon nog fulltime borstvoeding of flesvoeding ernaast krijgen. Kijk goed naar je kindje. Hij zal zelf aangeven wanneer je een voeding echt kan vervangen voor vast voedsel.


Volg ons op